donderdag 18 maart 2010

Week 8 (6-12/03)

“Abuja-babe”

Zaterdagochtend gingen Junior (KC’s broer) en ik naar Chidi’s French club. Na me een beetje te ‘moeien’ met het acteren en sommige franse uitspraken te verbeteren, hield ik me bezig met het inoefenen van een personage met Emanuel. Emanuel is, al mag je het eigenlijk niet toegeven, een van mijn favoriete leerlingen uit de middelbare school. Hij is altijd enthousiast en zet zicht voor alles in, waardoor hij het mij ook zeer aangenaam maakt in de band-club. Hij helpt me steeds samen met Ezemdi om het lokaal terug op orde te zetten en samen brengen ze een goeie sfeer in de groep. Emanuel wil een bepaalde rol van een leerling hebben, waardoor hij haar dus moet uitdagen in een ‘battle’. Wanneer uit het duel blijkt dat de uitdager beter geschikt is voor de rol (betere uitspraak, beter geacteerd, enz) mag hij die bepaalde rol op zich nemen.
Om 14 uur gaf les aan secondary choir. Ik trakteerde hen op frisdrank om hen te belonen voor hun inspanningen.
De hele dag noemde auntie Adaku me ‘Abuja-babe’, omdat ze zo tevreden was dat ze niet alleen naar Abuja moest. Al snel namen ze het in het huis ook al over, terwijl ze eigenlijk niet echt wisten waarom. In Nigeria heerst het idee dat wanneer je op reis gaat, je voor iedereen cadeaus moet mee brengen. Vandaar dat het soms lijkt dat iemand heel plots op reis vertrekt, terwijl ze het eigenlijk gewoon niet melden. Ik trok het me niet echt aan en niemand in huis die ik op de hoogte bracht vroeg me iets voor hen te kopen, want iedereen heeft al verschillende dingen van mij gekregen.

Zondagochtend om acht uur namen Chidi, Adaku en mezelf afscheid van tante Madeleine, Clara en de rest van het huis. We stapten in uncle Ikena’s auto en hij bracht ons naar de luchthaven van Owerri, een 45-tal minuten rijden. Gelukkig waren we goed op tijd, want ons vliegtuig vertrok ongeveer 25 minuten te vroeg. Zelfs uncle Chidi was onder de indruk, want hij was er sterk van overtuigd dat we ons nergens moesten voor haasten, want we zijn in Afrika. Een klein uur later landden Chidi, Adaku en ik in Abuja. Chidi had me gewaarschuwd achter te blijven terwijl hij een taxi zou zoeken, want om de luchthaven te verlaten verhoogden de chauffeurs sowieso hun prijs. Logisch, want hoe kom je er anders buiten als je geen auto hebt? Een groot geluk was dat Chidi een kennis tegen het lijf liep die zijn zus kwam oppikken van de luchthaven, samen met zijn vrouw. De man bood ons een lift aan tot aan ons hotel: “Princess Suites”. In het weekend was de gemiddelde kamer rond de 5500 Niara en in de week rond de 7000 NGN. Ik deelde een kamer met Adaku en Chidi sliep een paar kamers verder in de gang, bij de trap. Onze kamer had een balkon en drie ramen. Chidi had minder geluk en moest het stellen met vensters die uitkeken op de gang. Gelukkig sloot hij de gordijnen goed, want anders had iedereen die de trappen passeerde hem in zijn douche zien staan.
Na ons te installeren en wat te rusten, namen we een taxi naar een shoppingcentrum. De eerste vraag die Chidi zo van mijn gezicht kon aflezen was: “They got pizza here?” En hoera, ze hadden pizza! Nadat we er twee hadden besteld en moesten wachten, liepen we enkele winkeltjes af. Vele zaken waren pas later open, want op zondag gaat iedereen naar de kerk. In de tijd dat Chidi en Adaku nog maar goed aan hun eerste stuk pizza begonnen, zat ik al aan mijn derde. Zalig was het om gesmolten kaas op lekker krokant deeg te proeven. Als dessert een caramel-ijsje en uncle Chidi probeerde het Baileys-ijs uit, want ze hadden er geen bier. Tot zijn teleurstelling kon hij de alcohol in het ijs niet proeven, dus volgende stap: Gulder vinden voor uncle Chidi.
Ze namen me mee naar een militair domein, wat er op het eerste zicht uitzag als een winkelwijkje. Maar toen ik Chidi en Adaku volgde tussen de huizen door, kwamen we in een centrale plek terecht. In het midden stond een grote overdekte cirkelvormige soort paravang, waar onder zo’n 30-tal vrouwen vis aan het grillen waren. Prachtig, echt gezellig. Het deed me een beetje denken aan de sfeer die leeft op de vismarkten van Senegal. Rondom rond de tent waren bars. We namen plaats en Adaku toonde me mijn ‘brothers’. Een paar cafeetjes verder zat inderdaad een groep blanke mannen, dus ik wuifde vriendelijk goeiedag. Ik kon wel zeggen dat ik in lange tijd niet zoveel blanken samen had gezien, maar eigenlijk letten Chidi en Adaku er meer op dan ikzelf. Ondertussen ging Chidi gaan kijken naar de vis. Hij bestelde twee plateaus met elk een vis van ongeveer 40 cm lang met daarbij frietjes en groentjes, maar ik zat nog steeds vol van de pizza en zei tegen Chidi dat hij het me beter eerst gevraagd had voor hij ging bestellen.
Toen ik foto’s van het hele gebeuren aan het nemen was, kwam er iemand Adaku waarschuwen dat we op een militair domein waren en het problemen zou opleveren. Blijkbaar komen vele politiekers hier eten en willen ze niet gesnapt worden op een foto (met hun minnaressen). Op onze tafel lag een tafelkleed van Coca-cola met daarop een cola-fles bij een bord vol typisch Nigeriaans voedsel: plantene, bonen en geitenvlees. Toen ik daarvan een foto nam, kwam een andere man tegen Chidi zeggen dat ik het beter zou stoppen. Ik snapte niet waarom die mannen mij hierover niet aanspraken. Chidi zei dat ik gewoon het tafelkleed gefotografeerd had en omdat ik voor de rest ook gewoon foto’s van Chidi en Adaku had genomen zei ik hem dat ik toch wel foto’s mocht nemen van mij en mijn familie, zeker. Daarop reageerde hij tegen mij: “Do you want the police to come? He, do you want the police to come?” Ons probleem, dacht ik.
Terwijl we aan het eten en drinken waren, kwamen geregeld verkopers langs met zonnebrillen, horloges, zakdoeken of snoep. Toen een dove vrouw langs kwam, probeerde ik een klein gesprekje te houden. Ik vroeg haar om te vingerspellen, omdat het zo iets vlotter zou gaan. Ze leek me blij eens een babbel te kunnen slaan.
Met onze tweede vis in een doggy-bag gingen we terug naar het hotel. Chidi wou de match van vijf uur niet missen. We spraken rond acht uur terug af om uit te gaan.
Chidi en Adaku namen me mee naar Blake residentie. Een Congolese vriend van Chidi ging met ons mee. Blake residentie had uit een grote parking, een openlucht restaurantje waar je vlees, kip of verse vis kon bestellen en een grote bar waar ze optredens gaven. Ze noemden dit een karaoke, dus ik ging er vanuit dat op sommige avonden hier aan karaoke gedaan kon worden, iets waar Chidi enorm van houdt. De hele avond werd verzorgd door dansers, artiesten en een live-band. Echt gezellig.

Maandag vertrokken Chidi en ik rond 10 uur naar de Belgische Ambassade. Adaku was al vertrokken naar de immigratiedienst om haar zaken te regelen. Tante had ons gevraagd er een document te gaan ophalen. Een vriendelijke taxichauffeur ging de weg hier en daar voor ons gaan vragen en uiteindelijk vond hij het. Daar aangekomen vroeg Chidi mijn paspoort… die ik natuurlijk in het hotel gelaten had samen met de rest van mijn reisdocumenten. Gelukkig was het geen probleem om binnen te geraken, alhoewel de counselor ons wel niet is komen begroeten en alle communicatie verliep langs haar assistente.
Na het bezoek aan de ambassade, nam Chidi me mee naar the Crafts and Arts village. Super leuk dorpje dat opgebouwd is door de overheid en gehuurd wordt door handelaars en artiesten. We kochten er sandalen voor iedereen in huis en ik kocht er enkele souvenirs en een wrappa om kleren van te laten maken. Nadat we er lekker traditioneel konden eten, gingen we terug naar het hotel om te rusten en Adaku op te wachten.
Rond 16uur kwam Adaku terug van de immigratiedienst, ze had er ongeveer 6 uren doorgebracht doordat er veel volk was. Toch was ze niet te moe om met mij naar de markt te gaan. Deze markt in Abuja is anders dan die in Owerri. Een eerste verschil is dat de straten breder zijn en een tweede dat er geen voeding verkocht wordt. Adaku en ik gingen verschillende winkels binnen op zoek naar een rood-zwarte wrappa (om mee in de bakkerij te werken). Jammer genoeg waren de meeste wrappa’s te kleurrijk en vond ik mijn smaak niet of was het te duur. Ik kocht er wel een zilveren ring die ik van 1000 NGN afgeboden had naar 600 Naira (nog geen 3 euro). Toen ik de verkoper vroeg voor een doosje, schoof hij de glazen deur te snel open, waardoor het tegen de volgende glazen deur stootte en beiden in stukken braken. Ik voelde me al schuldig dat ik het ringetje afgeboden had voor bijna de helft, maar Adaku nam me al weer mee naar de volgende winkel. Adaku zelf wou gouden juwelen kopen. Voor goud vragen ze hier 5000 NGN, dat is ongeveer 22 euro per gram. Gelukkig dat Adaku goed haar prijzen kent, want vanaf het moment dat ze mij zagen gingen die als een vuurpijl de lucht in.
Toen we terug in het hotel waren, konden we uncle Chidi in de bar vinden. We brachten onze aankopen naar de kamer waarna we opnieuw naar het shopping centrum trokken. Deze keer waren meer winkels open en door een tekort aan inspiratie en kennis van Abuja, bestelde Chidi opnieuw twee pizza’s. Doordat het maandag was en we Clara’s wafel-night moesten missen, trakteerde ik op pannenkoeken. Deze waren jammer genoeg wat klein uitgevallen, maar daarom was het niet minder gezellig. Terug in het hotel dronken Chidi en ik nog een biertje (een halve liters is hier het kleinste) voor we gingen slapen.

Dinsdagochtend zaten we tegen acht uur in een taxi richting de luchthaven. Adaku zou bij een kennis gaan logeren, want haar papieren waren nog niet in orde. Om half elf hadden we onze vlucht terug naar Owerri en daar stond uncle Ikena ons terug op te wachten om ons naar huis te voeren.
Eens thuis heb ik alles wat ik nog te doen had op mijn gemak in orde gebracht. KC’s broer zou vandaag terug naar school vertrekken en kwam nog afscheid nemen.
Na school kwam Emaluella me vertellen dat haar kleermaakster zou langskomen om mijn afmetingen te nemen. Ik had haar ge-smst vanuit Abuja en was blij dat het al zo gauw kon gebeuren, want het zou wel een paar weken duren alvorens al mijn kleren af zijn. Toen ze vertrok wou ze de prijzen voorstellen, maar doordat ik geen weet heb van de prijzen voor het naaien van kleedjes en rokjes zou ik de volgende dag met Clara naar haar winkel gaan om op de prijzen af te bieden.

Woensdag belde Clara me om naar de kleermaakster te komen en uncle Damien voerde me naar haar toe. Emanuella en Clara waren daar al om te discussiĆ«ren over de prijs. Uiteindelijk kwamen we tot een optelsom van 8400 Naira en ik zei haar als ze het voor 8000 zou doen ik zeker naar haar terug zou keren bij mijn volgende bezoek aan Nigeria, waarop ze zei: “You…” en me met een grappig grijns aankeek. Dit is een groot verschil met de Europese markt: wij geven goeie prijzen, om zo meer terugkerende klanten in te winnen. Sommigen zullen nu waarschijnlijk in zichzelf denken waarom ik nog meer heb afgeboden, maar het feit dat ze met de prijs akkoord ging is al een bewijs dat ik nog te veel betaald heb.
Op school had ik terug band-club, maar stilletjes aan laat ik de band-teacher alles volledig overnemen. Het duurde weer een tijdje voor alle leerlingen aanwezig waren en toen een van de zangers er niet was, ging ik hem zoeken. Ik vond hem in sports-club en vroeg hem of hij nog bij band-club wou horen. Ik zei hem een beslissing te maken en te kiezen, want je kunt niet in verschillende clubs zitten op hetzelfde moment.
Tijdens het repeteren had ik weer een hele boel kinderen die naar mijn lokaal zaten te staren en niets aan het doen waren. De verschillen zijn zo enorm tussen de leerkrachten, je ziet echt wie gemotiveerd is en wie niet, waardoor de kinderen ook gemotiveerd zijn om naar hun club te gaan of niet. Toen ik de directrice niet kon vinden om die hoop loslopende kinderen naar hun club te wijzen, zag ik de muziekleerkracht van het middelbaar in de leraarskamer zitten. Ik vroeg hem of hij geen les had en hij zei dat hij geen leerlingen meer had in zijn club. Blijkt dat deze man dus al sinds het opstarten van de band zonder leerlingen zit en het nog nooit bij hem opgekomen is om dit te melden. Ik zei hem dat hij zich kon aansluiten bij de band-club en mijn taak daar kon overnemen. Het zou ideaal zijn dat de band teacher zich dan kan concentreren op de muzikanten, terwijl de muziekleraar de zangers kan trainen.
Verder in mijn zoektocht kwam ik tante tegen. Ik legde haar dat de situatie weer hetzelfde was (waarvan ze al een paar weken op de hoogte was) en ze besloot met me mee te gaan. Ze sprak enkele leerkrachten aan over hun verantwoordelijkheid en wees de kinderen naar hun club.
Toen ik terug naar de band-club ging, was mijn zanger alweer verdwenen. Blijkbaar hadden ze hem terug naar het veld geroepen. Door alle frustraties van het laatste uur was ik zo op mijn tenen getrapt dat ik de jongen ging confronteren met zijn beslissing die hij eerder gemaakt had. “But autie, they called me.” Het stoorde me in de eerste plaats dat de jongen geen definitieve beslissing had genomen en dat hij dacht dat we tijd genoeg hadden om hem te gaan zoeken op het voetbalveld.
Dit was een van die frustrerende dagen waar Ilya me voor gewaarschuwd had. Soms ga je kilometers vooruit en andere dagen heb je nog bergen te verzetten.

Donderdag ben ik ziek opgestaan. De airco van in het hotel van Abuja had me een verstopte neus en een hoop gezwollen klieren rond mijn stembanden opgeleverd. Melk en honing bij het ontbijt en zo veel mogelijk zwijgen.
Op school nam ik een opname van het nummer ‘Apologize’ dat ik het middelbaar koor had aangeleerd. Daarna zag ik Patience en ze had werkelijk veel vooruitgang gemaakt. Je merkte het in kleine dingen, maar belangrijke, zoals: ik liet mijn sleutels vallen en ze zei daarop sorry in mijn richting. Nigeriaanse cultuur zegt sorry voor alles die een ander ongemak oplevert. Als je zegt dat je pijn hebt, wordt dus verwacht van de ander om sorry te zeggen. Ook als iemand hoest, zeg je sorry. Ik was dus zo fier als een gieter (vanwaar komt dit spreekwoord eigenlijk?) Ook het herhalen van alle andere zaken die ik al met haar opgebouwd en doorgenomen heb, ging zeer vlot.
In de namiddag had ik music-club met het later maakte ik ook een opname van ‘Oh happy day’ door het lagere koor. Er was juist een hele grote groep, dus het is erg mooi om te zien en horen (verwacht natuurlijk niet te veel van dat horen e).
Over de middag was auntie Adaku terug thuis gekomen en toen ik haar ‘s avonds zag had ze een cadeautje voor me. Ze gaf me een kettinghanger in de vorm van een Y. Ik was er enorm blij mee, vooral omdat het een simpele letter is en geen ‘bling-bling’ toestand.

Vrijdag had ik koorrepetitie met het later tijdens hun pauze. Ik deed verder aan Amazing grace en liet het en om beurten individueel zingen. Zo kreeg ik eens een overzicht van de verschillende stemmen in het koor.
‘s Avonds ben ik beginnen werken aan een boekje dat ik wil maken voor Patience. Daarin wil ik alle nuttige alledaagse dingen schrijven en illustreren, zodat ze ze verder met haar moeder kan inoefenen. Zo zet ik er haar gegevens in, haar klas, het alfabet , de cijfers, de dagen van de week, de maanden, de kleuren, enz.

Foto’s op http://s809.photobucket.com/albums/zz11/yentllelle/allalbums

maandag 15 maart 2010

Week 7 (28/02-5/03)


“Uncle, send them to another club if they can’t sing!”

De repetitie die ik op zaterdagnamiddag ging houden, ging niet door doordat er geen elektriciteit was. Gelukkig gaat het nieuws hier snel en wisten de kinderen dit al eerder dan ikzelf. Toen ik terug naar de school ging om iets uit mijn lokaal te halen, begon het te regenen. Ik vond het zalig om in de regen terug naar huis te wandelen. De regendruppels zijn hier groot en zwaar, maar ook warm.

Zondag loste ik de laatste mankementen op van de computer en konden we terug gewoon het internet gebruiken.
‘s Avonds ging ik met Clara iets drinken bij Chidi en op weg terug naar huis zaten Adaku en Henrietta in het gras voor het huis te babbelen. Clara en ik gingen er gaan bijzitten en babbelden mee. Toen uncle Sonny zijn auto kwam parkeren met zijn muziek volle bak begon Adaku te dansen en sleurde Clara er in mee, die op haar beurt mij mee sleurde. Zo stonden we daar allemaal in het maanlicht te dansen en te lachen tot tante Madeleine ons kwam halen om te komen eten.

Maandag was Chiameziam terug op school. Hij was ziek geweest en veel vermagerd, maar hij zag er daardoor wel beter uit en leek wat jonger. Zijn moeder kwam me opzoeken en gaf me een tros grote bananen. Ik was super blij, want meestal plukken ze de bananen hier als ze nog klein zijn en soms smaken ze dan minder rijp.
‘s Avonds was het opnieuw wafel night en terwijl Clara haar wafels aan het bakken was, vroeg ik auntie Adaku of ik haar laptop mocht gebruiken om foto’s mee online te zetten. Ik probeer zo vaak als mogelijk te doen, maar ook met haar laptop gaat het nog steeds zeer traag.

Dinsdagochtend ben ik met tante mee gegaan naar de ochtendmis. De priester in de kerk waar tante meestal gaat is een Indiƫr en heeft het typische accent in zijn Engels. Na de mis zijn we naar de supermarkt Maris geweest, aan de overkant van Destiny.
Op school had ik een afspraak met auntie Sylvia. Zij heeft verschillende kinderen in de school, maar haar jongste heeft een vertraagde ontwikkeling. Hij is meer dan een jaar en kan nog maar moeilijk zelfstandig lopen. Ook heeft hij tot sinds kort altijd zijn hoofdje laten hangen, zoals boorlingetjes dat doen. Ik heb Sylvia wat oefeningetjes getoond die ze met haar zoontje kan doen. Ik besef dat dit buiten mijn gebied is, maar door wat ik vorig jaar gezien en geleerd heb op mijn stage weet ik dat alledaagse bewegingen gestimuleerd kunnen worden door ze gewoon vaak te trainen en herhalen. Ik kon niet veel doen, maar Sylvia was toch heel blij.
Na school kreeg ik van tante het nieuws dat Maria’s man (Kris) beslist had dat ze meneer Ogbonna niet nodig hadden, maar dat hij een neuroloog voor hen moest zoeken. Het voelde alsof ik een slag in mijn gezicht kreeg. Tante doet alle moeite van de wereld om Maria te helpen in het vinden van een huis en zou alles doen om dit gezin te helpen, maar bij iedere oplossing die wij bieden vinden zij een ander probleem. Twee maand terug had de vader mij gevraagd zijn dochter te helpen, als bij wonder vinden we een logopedist met ervaring en dan plots is hij niet meer nodig? Voor mij was het genoeg, vanaf nu zou ik me enkel nog zorgen maken om het kind, want uiteindelijk is de school er voor de kinderen. Als ik Maria zou zien zou ik haar mijn teleurstelling duidelijk maken en de man mocht mij zijn idee over hulp aan zijn dochter dan eens opnieuw uitleggen.

Woensdag wou ik met band van start gaan, dus de audities moesten ophouden. Ik verwittigde de band teacher dat hij moest gaan kiezen tussen zijn muzikanten en zangeressen, want uiteindelijk zou hij er de volgende maanden mee moeten samenwerken. Alhoewel ik hem verschillende keren vroeg goed te luisteren en een keuze te maken tussen de (vooral meisjes)stemmen, was ik het die de kinderen het lokaal moest uitsturen. Voorbij mijn lokaal liepen constant leerlingen en toen de zoveelste mijn les kwam verstoren vroeg ik haar me mee te nemen naar haar leerkracht. De drama-club had veel succes, maar de juf stond er alleen voor en ik kon begrijpen dat het moeilijk was haar autoriteit te behouden, maar kinderen constant je lokaal in en uit laten wandelen is voor iedereen storend.
Vandaag was ook de verjaardag van auntie Henrietta en ik had voor haar een taart besteld bij Clara. Caramel-cake om precies te zijn en heerlijk was het. Al was ik waarschijnlijk een van de enigen, aangezien Nigerianen niet echt zoete-monden zijn.

Donderdag vertelde Adaku me dat ze in het weekend naar Abuja zou gaan. Niet wetende waar dit lag, vroeg ik of ik mee mocht. Aan haar reactie zag ik dat het niet dichtbij was en ze het dus niet over een road-tripje had. Abuja is de nieuwe hoofdstad van Nigeria en ligt op minder dan een uurtje vliegen van Owerri. Ik legde me haar situatie uit en het leek me nog steeds interessant om mee te gaan, dus stelde ik het voor aan tante.

Vrijdag boekte ik men vlucht naar Abuja en ondertussen had uncle Chidi er ook voor gekozen om mee te gaan. Hij kon het uitstapje wel eens gebruiken en ging volgens mij ergens ook mee als een zekerheid voor mij.
‘s Avonds kwam de broer van KC op bezoek. Een jongen van mijn leeftijd die rechten studeert aan dezelfde school waar uncle Chidi gestudeerd heeft.
Vrijdag is ook nog steeds spelletjes avond, maar het is ondertussen nog maar 1 keer gebeurd dat we een ander spel dan Uno gespeeld hebben. Iedereen is er zot van.




Flyer Benefiet

Flyer Benefiet
Flyer benefiet